Te beluisteren:
zondag 11:00 - 13:00 uur bij
ROS-Kabelkrant,
ZIGGO kanaal 43 en
maandag van 19:00 - 21:00 uur bij HTR
en natuurlijk
24 uur per dag via onze website.

Koosje schrijft 2020

Berichten rond mijn boek

De Gelderlander

‘Een te grote jas’: Het verdwenen dorp Alphen van Koosje de Leeuw

KoosjeDeGelderlander01Koosje de Leeuw. © Eveline Van Elk

ALPHEN - De zonde, de keuterboerderij, Costa del Dina, de bevrijdende jaren 60. Koosje de Leeuw blikt terug op haar jeugd in Alphen.

De Gelderlander - Peter Deurloo 16 mei 2020

Koosje de Leeuw keert in haar boek Een te grote jas terug naar het Alphen van haar ouders en haar jeugd. De eerste druk van 250 exemplaren was in een mum van tijd uitverkocht. Een tweede druk van 150 is op komst. Het boek gaat over het dorp dat er ooit was. Over verdwenen gebruiken en rituelen en een leven dat nu nog maar moeilijk voorstelbaar is. Zelfs voor de schrijfster (69).

Ze is na haar jeugd in Den Bosch gaan wonen, maar is enkele jaren geleden begonnen met een veelgelezen blog over haar geboortedorp.

Biechten
,,Ik had snoepjes gestolen in de winkel en ik kreeg letterlijk buikpijn van het vooruitzicht dat ik dat aan de pastoor moest opbiechten. Ik mocht niet stelen, in eerste instantie van mijn eigen geweten. Maar daaronder zat echt het idee van zondigen. 'Gij zult niet stelen.' Ik zat in die katholieke wereld en ik geloofde.

,,Ik leerde op school de catechismus. Al die riedels. De pastoor kwam iedere week langs met zijn gezemel. Als je niet naar de kerk ging, dan moest je wel flink ziek zijn, anders moest je mee. Ik voelde het ook echt zo, dat ik een zonde had begaan. Mensen die heel lang in de kerk moesten bidden na het biechten? Dat moesten wel heel erge zondaars zijn!"

KoosjeDeGelderlander02 intKoosjes op schoot bij haar ouders. © Koosje de Leeuw

,,Dat duurde zo tot mijn zestiende of zeventiende. Toen was het over. Nu kijk ik er met een glimlach op terug. Ik ben niet boos, ik zie het vooral als een toneelstukje. Een priester die wordt geïnstalleerd en op de grond ligt met zijn schoenzolen omhoog. Dat is toch bijzonder?

,,Toen mijn vader ziek werd (hij overleed later aan kanker, PD) gingen we met de bus naar de Sint Jan in Den Bosch. Een hele bus vol, het halve dorp ging mee. Dat kun je je toch niet meer voorstellen? Dat was wel mooi. Ik zie het zo weer voor me. Ik kwam als klein meisje in die grote, statige kerk. Ik dacht: hier bidden, dat moet toch helpen?

,,Ik heb mijn zoon niet laten dopen. De pastoor kwam langs om te informeren of de jonggeborene al aan de doop toe was. Dat overviel me. Ik voelde daar weinig voor en heb me toen laten uitschrijven."

Op het spek
,,Ik ging eerst in Oijen naar school, aan de overkant van de Maas. Bij de nonnen. Met alleen meisjes. Daarna kwam ik op school in Alphen, met jongens en meisjes in de klas: heel modern. We kregen ook seksuele voorlichting. Van de pastoor. Die had het over bloemetjes en bijtjes. Over dat je de kat niet op het spek moest binden. We begrepen er geen snars van. Volgens mij hebben we toen nog een stuk spek gekocht voor de pastoor. Hahaha! Seks was al helemaal niet iets dat we thuis bespraken. Ja, er was een of ander zemelig boekje."

Poepdoos
,,Wij woonden eerst in een kleine boerderij, een keuterboerderij. Met zeven koeien op de deel en een paar varkens in de schuur. Ik vond het maar niks. Lawaai en stank. Ik was blij toen we naar een normaal, praktisch huis in het dorp verhuisden.

,,We hadden in de boerderij een poepdoos met een deksel, ik wist niet anders, ik kende geen andere wc's. Ik weet nog dat de vrouwen meestal de varkens verzorgden. Mijn moeder deed dat ook. Én de moestuin, én het inmaken, én de kinderen verzorgen, én zelf kleren maken, én de was doen met de hand.

,,Toen ging mijn moeder naar een Persil-avond. Daar werden wasmachines en waspoeder aangeprezen. Ik kan me wel voorstellen, dat ze heel blij was dat ze een wasmachine kon kopen. Als je toch nagaat, dat ze dat allemaal in haar eentje heeft moeten doen.

,,Toen ging mijn moeder naar een Persil-avond. Daar werden wasmachines en waspoeder aangeprezen. Ik kan me wel voorstellen, dat ze heel blij was dat ze een wasmachine kon kopen. Als je toch nagaat, dat ze dat allemaal in haar eentje heeft moeten doen.

,,Bij de boerderijen kwam Grauwtje de beerleider langs, dus ook bij ons. Hij had een beer (mannelijk varken, PD) aan een touw, die de zeugen moest dekken. Het vee was heel belangrijk. Bijna belangrijker dan de kinderen. We waren zelfvoorzienend. Ik vind dat wel heel mooi. Het geslachte varken werd aan een ladder gehangen om te versterven. In de gang. Ik durfde daar niet langs."

Dienstje
,,Mijn moeder heeft als jong meisje nog een dienstje gehad bij een echtpaar. En maar doorpoetsen! Dat dienende verwachtte ze ook van mij, daar is ze altijd in blijven hangen. Maar ik wilde dat niet.

,,Ik had in de boerderij een eigen kamer veroverd. Maar toen we verhuisden, moest ik weer naast mijn moeder slapen. Er werd niet eens aan gedacht dat een meisje met alleen broers een eigen kamer zou moeten krijgen.

,,Kinderen die verder gingen leren, op de middelbare school in Druten, waren kinderen van middenstanders. Mijn ouders waren daar niet mee bezig. Ik ben naar de huishoudschool gegaan. Ik heb er veel geleerd, maar ik had meer gekund. Ik heb later veel avondonderwijs gevolgd"

KoosjeDeGelderlander03 250Huwelijksfoto van de ouders van Koosje de Leeuw, Harrie en Joke. © Koosje de Leeuw

Typisch Alphens
,,Dina, de vrouw van de slachter, was een uitzondering. Zij had de Costa del Dina, zoals we dat noemden. Ze lag op een stretcher bij het strandje dat hun eigendom was, in een liflafje, een soort zonnejurkje. Voor de dorpelingen was dat bijna bloot. En ze had een hoed op. Dat had niemand in Alphen. Ze vroeg entree voor het strandje. Dat had wel iets buitenlands. Vandaar Costa del Dina.

,,Cor-man en Cor-vrouw! Ja, een echtpaar van wie beiden Cor heetten. En Johan van Dijk van de Vivo. Die sneed vlees en vleidde ieder gesneden schijfje met honderdtien procent zorg neer. De winkel was het middelpunt van het dorp. Een supermarkt! Met ook wat dameskleding en bh's. Er waren ook drie bakkers in het dorp. Veel families kochten de ene week van de ene en de andere week van de andere bakker."

KoosjeDeGelderlander04 intOp de kermis van Lithoijen met een kort rokje (Koosje in het midden). © Koosje de Leeuw

De sixties
,,In de jaren 60 veranderde alles. De televisie speelde daarin een heel belangrijke rol. Nederland en de wereld kwamen Alphen binnen. Wij dachten eerder dat alles overal was als bij ons.

,,Uitgaan op de Blauwe Sluis en in Lith, bandjes die optraden, het was een openbaring. Mijn moeder vond het moelijk. Ze was bang dat er iets gebeurde met mij. Ik moest een uur eerder thuis zijn dan mijn vriendinnen. En een minirok mocht ik niet aan. Dat was heel erg voor het oog, voor de mensen in het dorp.

,,Op mijn eerste werkplek zag ik meisjes uit de stad, met getoupeerd haar. Ze jij-den en jou-den tegen de chef. Als meisje. Dat was ongekend voor mij. Ik zag toen de echte wereld."

Meer over Alphen is te vinden op de website van Koosje de Leeuw: koosjeschrijft.nl.

De Wijkkrant Muntel Vliert en Orthenpoort plaatste een artikel.

KoosjeReactie01 int

Blik op Beneden Leeuwen

KoosjeReactie02 int

08-05-2020 2 minuten Rinie van Haren


Een te grote jas


Enkele weken geleden presenteerde Koosje de Leeuw haar boek ‘Een te grote jas’. Daarin neemt zij de lezer mee naar haar jeugd, die ze doorbracht in Alphen aan de Maas en in de regio Het Land van Maas en Waal.

Koosje vertelt hierover: ‘Na mijn geboorte wordt de boerderij van mijn ouders Harrie en Joke al snel voller met nog vijf jongens. Al op jonge leeftijd merk ik dat er voor mij als meisje een andere rol in het gezin is weggelegd. Als ik op dertienjarige leeftijd mijn vader verlies word ik mijn moeders rechterhand. Dat voelt als een grote verantwoordelijkheid.’

Koosje de Leeuw beschrijft het dorpsleven in al zijn facetten en wordt met warmte en humor beschreven. Het incidentele gebruik van streektaal draagt in hoge mate bij aan de sfeer en authenticiteit van het verhaal wat voor inwoners van Maas en Waal in het bijzonder heel herkenbaar zal zijn. Een bagagedrager heet in onze regio nu eenmaal een pakkendrager en met ’t veld wordt de polder bedoeld.

Koosje licht toe: ‘In ‘Een te grote jas’ beschrijf ik aan de hand van subtiele herkenbare grappige en ontroerende anekdotes hoe ik opgroei en omga met mijn rol in het gezin. Laat je meenemen door de prachtige sfeerbeelden van het gezins- en plattelandsleven in de jaren vijftig en zestig!’
Voor meer informatie over het werk van Koosje de Leeuw kijkt u op www.koosjeschrijft.nl.

Daar vindt u ook de gegevens hoe u in het bezit kunt komen van dit prachtige levensverhaal.

Voorzijde knip2 int

Weekblad Maas en Waler april 2020

Maas en Waler april 2020 300

Lantaerntje mei 2020

Lantaerntje Mei2020

Gepost door Koosje de Leeuw

© 2011 - 2020 'n Lutske Brabants - dinsdag 2 juni 2020 - Tijd: 00:00:00 - Webdesign: Broeklandsoft - Sponsor: Frans van den Bogaard